Keuringsreglement

Hier volgen de belangrijkste eisen ten aanzien van deelname aan de keuringen.

1.

Uiterlijk 5 dagen voorafgaand aan de keuring, worden de dieren klinisch onderzocht door een dierenarts. De schriftelijke 'Veeartsverklaring' hiervoor (zie keuringsformulieren) moet ingeleverd worden voor aanvang van de keuring bij het secretariaat.

2.

Ingezonden dieren, vanaf een leeftijd van 3 maanden en 6 weken, dienen geŽnt te zijn tegen Q-koorts. Dieren tot 3 maanden hoeven niet geŽnt te worden. Dieren die vallen in de zes weken na de 3 maanden kunnen niet op een keuring verschijnen.

3.

Elke inzender is verplicht lid te zijn van de gezondheidsdienst  (I & R regeling) en als zodanig in het bezit van een UBN-nummer.

4.

Alle aanwezige dieren moeten voorzien zijn van oormerken of maagbolus. Dit geldt ook voor lammeren welke nog bij de moeder lopen en niet voor de keuring ingeschreven zijn.

5.

Van alle deelnemende dieren dient u de schetsen mee te nemen naar de keuring.

6.

Bij uw inschrijving dient u uw UBN-nummer te vermelden (Gebruik originele  'Opgaveformulier keuring') (zie keuringsformulieren).

7.

Een volledig ingevuld 'Vervoersdocument' (zie keuringsformulieren), ook voor de terugreis, dient aanwezig te zijn.

8.

Binnen 5 dagen na de gehouden keuring dient de inzender deze bezochte locatie (verplaatsing) te melden in 'Mijn dossier'.

9.

Bij vragen kunt u contact opnemen met iemand van de tentoonstellingscommissie (zie bestuur).